
| Maandagnamiddag 10 oktober 1904 om 14 uur liep in de haven van Antwerpen de Kroonland binnen. Het oceaanschip maakte deel uit van de Red Star Line en keerde terug van New York. Samen met tientallen gedesillusioneerde en berooide mijnwerkers, gingen ook 145 kajuitpassagiers van boord, onder wie de heer en mevrouw Henri Carton de Wiart. Hij was volksvertegenwoordiger voor de christendemocraten en zij – Juliette Verhaegen met haar meisjesnaam – was een al even sociaal geëngageerde activiste voor de kinderbescherming. |
Allebei waren ze vol enthousiasme over wat ze tijdens hun reis in de Verenigde Staten hadden opgestoken van de “Children’s Courts” . Met ingehouden opwinding, want hoe moesten ze het aanpakken om ook in België de jeugdmisdadigheid met kinderrechters aan te pakken? Dit idee van “een enkele rechter met bijna onbeperkte bevoegdheden, die de verdachte als het ware onder zijn hoede neemt” lag niet bepaald in lijn met de ons vetrouwde tradities:
Een dergelijk concept druisde in tegen alle opvattingen en gewoonten van onze juristen en magistraten en zette zowel het fetisjisme van de collegialiteit van rechters, het traditioneel aan strafrechtbanken toegekende karakter als het heilig verklaarde beginsel van de in kracht van gewijsde gegane uitspraak op losse schroeven.
De reis naar Amerika
De hervorming van de kinderbescherming stond feitelijk niet op hun agenda toen het echtpaar op 20 augustus 1904 met de Kroonland uit Antwerpen vertrok naar New York. Zoals enkele tientallen andere Belgische volksvertegenwoordigers was hun bestemming een interparlementaire vredesconferentie in Saint-Louis, Missouri. Ze zouden daar aan de Amerikaanse president Roosevelt vragen om te bemiddelen in de Russisch-Japanse oorlog die al zeven maanden aan gang was. De conferentie vond plaats tijdens de World’s Fair of wereldtentoonstelling die daar ook al maandenlang liep.
De Belgische volksvertegenwoordigers die deze reis maakten, waren zich er ook van bewust dat de Amerikaanse pers erop gebrand was om hen vragen te stellen over het Congo-beleid van de Belgische koning. Leopold II had in juli 1904 een internationale onderzoekscommissie geïnstalleerd nadat de Britse regering in februari een vernietigend rapport had gepubliceerd over de wandaden in Congo-Vrijstaat.
Maar daarnaast was er gelegenheid genoeg om het prestigieuze Belgische paviljoen te bezoeken, gemodelleerd naar het stadhuis van Antwerpen. Op hun rondreis keken ze hun ogen uit om allerlei nieuwigheden te ontdekken. Carton de Wiart vermeldt de tuinwijken, de electrische keuken, het verbod op alcoholische dranken, de sportvelden, enz.. Verder werd de tijd natuurlijk gevuld met banketten en een ontmoeting van de Belgische volksvertegenwoordigers met de president zelf.
De Children’s Courts
In april 1904 had Samuel J. Barrows, de Amerikaanse vertegenwoordiger bij de International Prison Commission zijn rapport over de kinderrechtbanken voorgelegd aan het Huis van Afgevaardigden. Deze rechtbanken functioneerden al een vijftal jaren in de Verenigde Staten en het was dus tijd om te rapporteren over “their origin, development, and results.” In zijn Souvenirs dacht Henri Carton de Wiart met enige ontroering terug op deze kennismaking en de lotgevallen die daarmee gepaard gingen:
“We waren onder de indruk van de superioriteit van het systeem van deze ‘courts’, waarvan Lindsey, de rechter uit Denver, ons de werkwijze had onthuld, ten opzichte van ons Belgisch strafrechtelijk stelsel dat nog steeds gebaseerd was op het zoeken naar onderscheidingsvermogen en het principe van repressie. We hadden een strafrechtdeskundige van daar, professor Henderson uit Chicago, met humor horen zeggen: “Een kind in de gevangenis stoppen, is het op een glijbaan rechtstreeks naar de hel sturen”, en we hadden nagedacht over de wrede en verontrustende waarheid die in zo’n grap schuilging.
Terug in België
Terug in België neemt het echtpaar Carton de Wiart elke gelegenheid te baat om de idee van de kinderrechtbanken te promoten. Veel rapporten, spreekbeurten, contacten, congressen en internationale bijeenkomsten later lijkt de droom te zullen uitkomen. Maar een krachtig slotoffensief is nog nodig om de hervorming definitief over de streep te trekken. Wanneer Henri Carton de Wiart in juni 1911 zelf minister van justitie wordt zette hij er de turbo op.
Carton de Wiart slaagde er in de kinderrechtbanken toe te voegen aan het al 25-jaar lang sudderende wetsontwerp op de kinderbescherming. Daarin waren de bepalingen rond de ontzetting uit de ouderlijke macht en de verscherping van de bestraffing van misdrijven tegen de zedelijkheid of de kwetsbaarheid van kinderen al langer gaargestoofd. Samen met dit nieuwe hoofdstuk over de kinderrechters vormden ze de eerste wet op de kinderbescherming, goedgekeurd op 12 mei 1912. Vanaf 1 oktober 1912 zijn de kinderrechtbanken in België een feit.
Bronnen en opmerkingen
- Samuel J. Barrows, Children’s Courts in the United States. Their origin, development, and results. Reports prepared for The International Prison Commission. House of Representatifs, 25 april 1904.
- Henri Carton de Wiart, Souvenirs politiques (1878-1918), Brussel, 1948. Zie website Unionisme.
- Diverse krantenartikels.
- De afbeeldingen van de Kroonland, Henri Carton de Wiart en Juliette Verhaeghen zijn afkomstig van Wikimedia.
- In 1922 kreeg jonkheer Henri Carton de Wiart de titel graaf. Hij was het jaar daarvoor eerste minister geweest. Hij was eerder al in de adel verheven sinds 6 oktober 1904.
